Posts tonen met het label familie. Alle posts tonen

Gezocht: rots in de branding, m/v

Ik hoor ze nog zo bezig, een aantal jaar terug, die paar kennissen uit de kring die als eerste hun huwelijk op de klippen zagen lopen. Bij een echtscheiding leer je pas je echte vrienden kennen! Je verliest een groot stuk van je vriendenkring, enkel de échte schieten over! De enige zekerheid die je overhoudt is je familie!

Jaja, denk je dan. Wat zou het vrienden uitmaken of je nu in een relatie zit of toch terug single? Zo'n vaart zal het wel niet lopen. En plus, scheiden, wij? Het idéé.

Goed, intussen zijn we een trouwring en een illusie armer. Of nee, meerdere illusies; want ja, het klopt jammer genoeg weldegelijk. Mensen die vroeger tot de bodem van je ziel konden kijken, beginnen je te mijden. Afspraken worden uitgesteld en uitgesteld en uiteindelijk afgesteld. Een gemeenschappelijke vriendin kiest niet zomaar kant, nee, die begint ex-partner A bij ex-partner B zwart te maken én omgekeerd - wat ze hoopt daarmee te bereiken, god mag het weten. Het zijn inderdaad de echte vrienden, in kleiner aantal dan je gedacht en gehoopt had, die overschieten. Gelukkig is het met vrienden zoals met BH-maten en penislengte: kwaliteit primeert over kwantiteit. Of zo wordt toch beweerd - da's voer voor een andere keer.

Maar die familie... nee, dat is het toch niet echt. De inkt op de echtscheidingspapieren was met moeite droog, en toch was het daar al meteen terug "business as usual". Vragen hoe het gaat is absoluut uit den boze, want stel dat je naar waarheid zou antwoorden? Vermoeiend is het, en ergens nog extra kwetsend erbovenop. Dus ben ik het die daar weg blijft, en elk excuus aangrijpt om de geforceerde goedenieuwsshow te ontlopen.

Wanneer een last-minute uitnodiging voor een etentje met ouders en zus plus wederhelft op de proppen komt, héb ik geen excuus. Het weekend schakelt meteen van "uitkijken naar" naar "opkijken tegen". Tot de collega's, die aan een half woord genoeg hebben, plots beslissen om hun eigen afspraken te verzetten en toch maar die dag eens in groep de stad in te trekken.

En zo spendeer ik onverhoopt een verloren geachte avond/nacht in de Brusselse binnenstad in goed gezelschap. Prachtmensen vind je soms dichterbij dan je zou denken.

Zwijgen is goud

Je ziet ze bijna niet meer zitten in haar grote zetel, zo klein is ze geworden. Ooit een keiharde, scherp van geest én van tong, tot wanhoop van wie aan de verkeerde kant van haar toorn stond. Het licht is intussen uitgedoofd. En ze vergeet - de dag van de week, de maand, het seizoen, het jaar. Tijd heeft geen betekenis meer, en ze beseft het ergens nog wel, maar de energie om er zich nog kwaad om te maken en tegen te verzetten, die is weggeëbd. Ze staart urenlang in de verte, naar niets specifieks.

Maar ze ziet Uk binnenkomen, en het licht in haar ogen flakkert terug op. Ze lacht, steekt haar handen uit, speelt met hem. Hij kraait van plezier. Ze eten samen een koekje op, want koekjes, die deelt hij met de mensen die hij leuk vindt. En hij víndt haar leuk. Hij tatert honderduit tegen haar, en ze tatert terug, alsof ze de enige is die zijn peutertaaltje wél verstaat.

Ik kan het haar niet te vertellen, dat we uiteen zijn. Dat ons huis verkocht is. Dat ik Uk één week op de twee moet missen. Dat ik vaak moet wegvluchten uit dat lege, stille appartement. Het zou haar hart breken, en ze is al zo broos. En dat steekt, dat ik net tegen háár moet zwijgen, zij die altijd alles als eerste te horen kreeg, nog voor de ouders en de vrienden. Dat ik de liefde van mijn leven ontmoet had. Dat we gingen trouwen. Dat we een Ukje verwachtten.

Een half uurtje peuter-energie is al wat ze nog aankan voor de vermoeidheid toeslaat. We gaan naar huis; ze knuffelt hem nog eens goed ten afscheid, hij geeft één twee drie dikke zoenen, roept "da-dag", blijft van op de arm naar haar zwaaien tot lang nadat ze uit zijn blikveld is verdwenen. Ik trek mij eraan op dat zij heel eventjes terug gelukkig was, en dat hij zich later hopelijk zijn overgrootmoeder nog zo zal kunnen herinneren. Maar dat zwijgen, goud is... nee, toch niet. Klatergoud misschien.

---

Lev

Met dank aan onze gastblogger. Jouw verhaal ik ook welkom bij oponseentje@gmail.com

De single en de dood (deel 3)

Na de oma's en opa's, nonkels en tantes, mama en papa is het op een dag aan jou.

'Sorry, maar voor de begrafenis van een nonkel heb je geen recht op een dag omstandigheidsverlof', wist men jou te zeggen na de dood van je nonkel (waarna men uit goodwill toch besloot een oogje dicht te knijpen). En je hoopt maar dat wanneer het jouw beurt zal zijn je neefjes en nichtjes wél probleemloos verlof zullen krijgen (en liefst meer dan 1 dag ook). Want stel dat de andere telgen uit de ouderlijke kroost tegen dan ook al het loodje gelegd hebben, wie zal jouw begrafenis dan wel regelen? Toch niet je vrienden (want de sterke genen van je familie kennende, zullen die tegen dan stokoud zijn)?

En dan is er nog je erfenis. Blijf je partner- en kinderloos, dan wrijft Vadertje Staat zich in de handen. 'Neven en nichten die van een oom of tante erven (of omgekeerd) worden in Vlaanderen belast tegen hetzelfde tarief als de ‘vreemden’', leert het internet je. 45 tot 65% van wat je bezit, zal dus naar de overheid gaan. Singles zonder kinderen zijn een gouden zaak voor de Belgische staat. Dat je als kinderloze single in België de hoogste belastingen betaalt van alle OESO-landen, volstaat niet. Ook als je er niet meer bent, word je vriendelijk verzocht de staatskas nog eens extra spijzen.

Tijd dus om je te informeren over het duolegaat en te bedenken welk goed doel na jouw dood een vreugdesprongetje zal mogen maken.

En tegelijkertijd ook goed om eens stil te staan bij een gezond evenwicht tussen het noodzakelijke appeltje voor de dorst (en een zorgeloze oude dag) en het goede leven hier en nu (met de top 5 van wat mensen zich beklagen op hun sterfbed in het achterhoofd). Of hoe stilstaan bij de dood kan leiden tot nog bewuster en beter leven in het hier en nu.

De single en de dood (deel 1)

'Breng je mijn railpass straks mee ?', vraag ik aan de vriendin. 'Want volgend weekend wil ik mijn tante en nonkel bezoeken.'

's Anderendaags zit ik al op de trein. Nonkel is niet meer.

Bedenkingen van een single bij de dood. In 3 bedrijven.

Zonder man, zonder kinderen en straks ook zonder ouders

Eerst verlies je opa's en oma's. Dan volgen nonkels en tantes. En je voelt de man met de zeis naderen. Straks maait hij ook nog je ouders weg. Je beseft nu al dat dit voor jou als single een nog grotere mokerslag zal zijn dan voor de anderen die een partner en/of kinderen hebben. Twee schouders, dat is gewoonweg niet genoeg om een doodskist te torsen.

'Door de dood van mijn moeder ben ik ten volle gaan beseffen hoe waardevol het is om een relatie te hebben', zegt de getrouwde vriendin. Ook zonder een ouder verloren te hebben, kan je perfect begrijpen wat ze bedoelt.

(wordt vervolgd)

Maar een broer zien huilen, kan ik niet

15 jaar geleden. Ik ontvang een mailtje van mijn jongste broer die op reis is: 'Ik heb hier de vrouw van mijn leven leren kennen'. Een medereizigster, liefde op het eerste gezicht, en ook op het tweede, derde, vierde, ... Zoveel meer dan een vakantieliefde.

Heel de familie onthaalt haar kort daarna met open armen. Want het zijn sombere tijden nu mijn oudste broer aan het scheiden is. Jeugdig, pril geluk, laat er ons a.u.b. opnieuw in geloven. Laat er ons geen moment aan twijfelen dat dit wel goed zal blijven lopen.

Vandaag vloeien er opnieuw tranen. De vrouw van mijn leven, mag je die term nog wel gebruiken in deze tijden van seriële monogamie?

Mijn hart bloedt nu voor de tweede keer om een broer. Omdat liefhebben iets is waar soms een houdbaarheidstermijn op staat. En graag zien niet volstaat om ook graag gezien te worden. Omdat niet iedereen in het leven krijgt wat hij verdient.

En toch wil ik weer dromen. Dromen dat ik hem op een dag weer hand in hand zie lopen, hem zie dollen met z'n eigen kindjes en de ogen van zijn vrouw zie twinkelen.

Ooit. Want na de winter, komt de lente. En na de lente komt de zomer.

Altijd.

Over sloten zonder sleutel

Die avond zie ik na het werk dat een onbekende het voorwiel van MIJN fiets aan de fietsenstalling heeft vastgemaakt met ZIJN slot. Een welbekende dieventruck, zeggen m'n collega's. De fiets waarop je een oogje hebt laten vallen, zet je op slot. Bijgevolg kan de eigenaar hem 's avonds niet zomaar mee naar huis nemen. 's Nachts kom je dan rustig je slot losmaken waarna je de fiets in je bestelwagen kan laden. Dan heb je thuis alle tijd om het andere slot met een slijpschijf open te maken.

Zo snel mogelijk het vreemde slot laten verwijderen, da's dus de opdracht. Maar ik ben mijn gsm thuis vergeten en kan dus niet beginnen rondbellen om vrienden met een stevige tang te vinden. Dus bel ik de politie.

Een uurtje later zijn alle collega's naar huis en sta ik moederziel alleen in het donker te verkleumen op de parking van het werk. Had ik m'n gsm maar bij. Dan had ik kunnen wachten in het café wat verderop en had de politie me kunnen bellen bij aankomst. Gelukkig komen ze er snel aan.

Ik ben nog maar net weer thuis wanneer de vaste telefoon rinkelt. Mijn moeder. 'Lies, je kunt niet geloven hoe blij ik ben je te horen. Ik was doodongerust. Ik probeer je al uren te bereiken via je vaste lijn. Ik dacht al dat je in een Gents ziekenhuis lag. Je hebt je gsm niet bij en hoe kan men dan weten wie men moet verwittigen als er iets met jou gebeurt?'

'Hoe weet jij dat ik mijn gsm niet bij heb?'

'Wel, je poetsvrouw heeft ons gebeld met jouw gsm. Je bent naar je werk vertrokken en hebt de deur op slot gedaan in plaats van ze gewoon achter je dicht te trekken zoals je anders doet. Gelukkig vond je poetsvrouw ons nummer in je gsm en kon je vader haar komen bevrijden met de sleutel die wij hebben. Hij liet een post-it achter met de vraag ons te bellen en toen je niets van jou liet horen, passeerden alle rampscenario's door mijn hoofd. Heb je trouwens wel een briefje in je portefeuille met de mensen die men moet verwittigen als er iets met jou gebeurt?'

Help, door 1 ogenblik van verstrooidheid zat m'n poetsvrouw meer dan een uur opgesloten. Gelukkig reageerde ze heel vergevingsgezind. Ik prijs mezelf gelukkig dat de verstandhouding met mijn poetsvrouw zeer goed is. En mijn ouders, die vergeven het me ook wel dat ze een 50-tal kilometer moesten rijden terwijl m'n buurvrouw ook een sleutel heeft. Maar dat wisten ze blijkbaar niet, laat staan dat ze haar nummer hadden.

'Toch wel vreemd dat ik zo op één enkele dag twee situaties tegenkom die te maken hebben met sloten', zeg ik 's anderendaags tegen een paar vriendinnen. 'Je zou bijna gaan geloven dat men mij iets duidelijk wil maken' Da's toch simpel, zegt vriendin 1. 'Op elk slotje past een sleutel', da's de boodschap. 'Maar soms vind je de sleutel niet', vult nummer 2 aan. 'Op zo'n momenten is een goed netwerk belangrijk.', zegt nummer 3. 'En dat zit in je gsm', vul ik aan.

De moraal van dit verhaal is dus dat je je netwerk nooit te goed kan soigneren en maar beter altijd je gsm bij je hebt. En bovendien zorg je er ook het best voor dat je ouders of andere klaar-om-in-de-bres-te-springende personen de nummers van je buren en beste vrienden hebben en omgekeerd. Voilà, mijn 2 slotenaffaires waren geen ramp, maar ze hebben er in elk geval voor gezorgd dat de krijtlijnen van mijn rampenplan nu toch zijn uitgetekend.

Netwerk

Alleen is maar alleen. En alleen ouderen is tja, op z'n zachtst uitgedrukt, een beetje vermoeiend, en soms best zwaar.. Erover klagen helpt je geen meter vooruit, dus moet je gaan bedenken wat wel helpt. Ik zal het je verklappen: wat helpt, is dat het wat minder 'alleen' wordt. Wat helpt is het Netwerk.

En ik ben gezegend met een fantastisch Netwerk. Een netwerk met een grote N.

Er is de warme familie waar dochter M en ik ons geliefd, welkom en gewaardeerd voelen. De familie maakt eten voor ons, verzamelt knutselspullen en zingt eindeloos liedjes. Er worden drie-minutentelefoongesprekken gehouden, berenbroden gebakken en iemand heeft altijd wel een luisterend oor.

Maar omdat al deze lieve mensen in België wonen en wij niet, is er nog een belangrijke categorie in ons Netwerk: de buren. Het spreekwoord van de goede buur en de verre vriend dragen wij hoog in het vaandel. Want wij hebben Goede Buren. Ze zijn aardig, grappig, attent en omni-inzetbaar. Voor vrouwen-film-bank-hang-avonden, voor vervoer van en naar de crêche, voor dat ene ingrediënt wat je toch niet in huis blijkt te hebben, voor vrolijkheid en spontaniteit, voor korte balkongesprekken en voor de langere late-night-variant over Leven, Mannen en Relaties.
En alsof dat niet genoeg is, hebben we ook nog vrienden. Die geven zomaar cadeautjes, bakken pizza's, masseren de schouders onder spanning, spelen urenlang verstoppertje als het nodig is, knippen ons haar, sturen muziek en lieve kaartjes, geven gratis therapeutische banksessies en knuffels, maakten een logo voor ons en luisteren urenlang geduldig naar me wanneer ik mijn stokpaarden de vrije loop laat.

Moraal van het verhaal: Alleenstaand zijn of alleenstaand ouderen hoeft helemaal niet zo alleen te zijn. Investeer in je netwerk, het betaalt zich dubbel en dik terug.

"Connection is why we are here. It's what gives purpose and meaning to our lives."
Brene Brown


Braaf en proper op zijn eigen

Een tijdje geleden kwam mijn moeder een oude klasgenote tegen. Binnen de 5 minuten hadden ze het over de kinderen. Tja, zo gaat dat met moeders.
‘Zeg, hebt gij toevallig een dochter die nog alleen is?’, vroeg de klasgenote.
‘Ja, ons Lies’
‘Ik heb er ook nog enen die nog alleen is’, zuchtte de klasgenote. ‘Nochtans een brave jongen. En proper op zijn eigen.’
Goed wetende hoe haar kinderen denken over moederlijke koppelpogingen bracht mijn mama snel het gesprek op een ander onderwerp.

Maar een paar maanden later botste ze opnieuw de klasgenote tegen het lijf en die kwam prompt terug over de single-dochter-zoon-kwestie. ‘Hebt ge geen foto van uw dochter?’, vroeg ze. Nu heeft mijn moeder mij en de rest haar kinderen en kleinkinderen mooi op maat van haar portefeuille geknipt zodat ze op tijd en stond kan uitpakken met haar nageslacht. ‘Een schoon meiske’, zei de klasgenote. Ja, ze kon toch moeilijk zeggen ‘Wat een mottig wicht’ met mijn van liefde overlopende mama in de buurt?
‘Zit ze op Facebook?’, vroeg mijn bijdetijdse would-be-schoonmoeder. Mijn moeder hoorde het donderen in Keulen, want het is van mijn studententijd geleden dat er nog een computer in huis was. Maar plots herinnerde ze zich dat ik ooit wel al eens iets had verteld over familieleden waarvan ik foto's op Facebook had gezien. ‘Ja, ik denk van wel’, antwoordde mijn moeder. Prompt noteerde de would-be-schoonmoeder zorgvuldig mijn naam.

En daar, beste lezers, eindigt het verhaal van deze jammerlijk mislukte koppelpoging. Ofwel is die brave jongen zo braaf dat hij het niet aandurft contact op te nemen met mij. Ofwel is hij toch niet zo braaf en heeft hij eens goed gelachen met de koppeldrang van zijn moeder. Ofwel vond hij mij toch maar een mottig wicht? Wie zal het zeggen?

Zelf heb ik zelf nooit bewust mensen gekoppeld. Toch zijn er al meerdere koppels die zonder mij als tussenschakel elkaar nooit gekend zouden hebben. En er is meer: al die koppels zijn nog altijd samen. Ik ben dus zowaar een geluksbrengende tussenschakel en da's toch wel veel meer dan zomaar een banale tussenschakel. Vandaar dat het ondertussen een traditie is geworden dat men mij hiervoor trakteert op een dikke dame blanche. Want dat verdien ik, vindt u ook niet?

Verdriet verwerken

Het gaat niet goed met mijn vader. Hij ligt al maanden op de intensieve en de prognose is ronduit slecht. Door een ongeluk is hij volledig verlamd geraakt en het ziet er niet naar uit dat er nog veel herstel mogelijk is. Het tragische van heel deze situatie is dat mijn vader zich wel degelijk bewust is van zijn toestand. En we hebben een sterk vermoeden dat hij zo niet verder wil leven. “Mar Adentro”, maar dan in real life...

Dit brengt natuurlijk veel verdriet met zich mee, en veel kopzorgen. Je staat ermee op en je gaat ermee slapen. Alle andere “problemen” worden opeens zéér relatief. Als single (zonder kinderen) is het niet gemakkelijk om dit verdriet op je eentje te verwerken. Er is natuurlijk wel familie waar ik bij terecht kan, en mijn collega's en vrienden zijn ook zeer begripvol, maar dat is toch iets anders dan het hebben van een liefdevolle partner die je eens goed kunt vastpakken of waar je eens flink bij kunt uithuilen. Iemand die er voor je is als je het moeilijk hebt. Ik heb gelukkig wel een aantal hobby's waarin ik mij kan uitleven, en het luisteren naar muziek of het maken van een stevige wandeling helpt ook om de gedachten (al is het maar even) te verzetten.

Ik weet niet of het hebben van kinderen als single dit soort situaties moeilijker maakt of niet. Ik denk wel dat kinderen als een soort afleiding kunnen zorgen. Uiteindelijk hebben ze toch ook veel aandacht nodig. Misschien dat ouders geneigd zijn om zich sterker te tonen dan ze zich voelen in de aanwezigheid van hun kinderen. Wat eigenlijk ook niet goed is, want die opgekropte emoties moeten ergens naartoe.

Misschien moet ik eens een huisdier nemen. Zo'n lieve poes die zich elke avond bij me komt nestelen in de zetel. Ik weet het, zo'n beest begrijpt natuurlijk niet wat je ertegen zegt, maar de
muren ook niet...

Papa, ik ga je missen.

M

Motherly love

  • Zeven potten jam (en ik had er nog maar 38)
  • Twee kamerplanten (alleen op het toilet is nog ruimte)
  • Een stapel Knacks, jaargang 1989 (Zij dacht: wat moet ik ermee? Ik denk: wat moet ik ermee?)
  • Twee dozen boeken van Lecturama, Meesters van de Schilderkunst ("Had je niet gezegd dat je die tentoonstelling van Van der Weyden zo mooi vond?")
  • Een paar gebreide sokken (niet mijn kleur, wel warm)
  • Ingevroren frambozen (en de diepvries zat al zo vol)
  • Een zelf gepatchworkte plaid voor op mijn bed ("Wel elke avond, voor je gaat slapen, netjes opplooien, anders gaat ie kreuken." Grr.)
  • Twee dozen dia's uit de oude doos (ik heb geen projector)

Kortom: mijn moeder is op bezoek geweest.

The Mothers of Invention wisten het al:

Forget about the brotherly and other-ly love
Motherly love is just the thing for you
You know, your mother's gonna love you
Till you don't know what to do!


Maar lief is het wel.